Een beetje vreemd…

Op Facebook valt me vaak op dat veel verschillende mensen elkaar blijken te kennen. Ik neus regelmatig tussen gemeenschappelijke vrienden van mijzelf en willekeurige anderen. Soms is het volstrekt logisch dat sommige mensen elkaar kennen, in andere gevallen is het één groot raadsel op welk vlak de levens van die mensen elkaar gekruist hebben. Ik vind het interessante materie.

Afgelopen week ging ik met mijn oud lerares Nederlands naar een concert van onze gemeenschappelijke idool, Robbie Williams, die optrad in het Goffertpark in Nijmegen. Hoe komt een mens in zo ’n situatie verzeild, dat je met je docent op een concert belandt? Dat is een verhaal op zich, maar laten we het erop houden dat de grootste gemene deler is dat we elkaar gewoon fijn gezelschap vinden.
Soms zijn relaties niet direct de voordehandliggendste en ik moet zeggen dat ik er een handje van heb om vriendschappen te sluiten en te onderhouden met mensen waarbij dat vanuit de sociale positie waarin we ons beide bevinden niet altijd de meest logische optie is. Denk bijvoorbeeld aan docenten, collega’s, stagebegeleiders…

Er is een tijd geweest waarin ik mezelf afvroeg of dat wel normaal was. Of het gangbaar genoeg was wellicht. Ik kan daar nu hard om lachen en ben dankbaar dat ik innerlijk genoeg gegroeid ben om dat idiote idee snel weer te laten gaan. Blij ook en gelukkig met het feit dat ik me door dat soort hersenspinsels nooit heb laten afleiden van de ongelooflijk leuke, inspirerende, gezellige, interessante en lieve mensen die ik daarmee in de loop van de tijd om me heen heb verzameld. Sommigen zie ik veel, anderen sporadisch, maar allemaal hebben ze een rode draad door m’n leven laten lopen.

De rode draad die mijn lerares Nederlands heeft getrokken was een duidelijke maar blijkt na deze week een stuk steviger verankerd dan we allebei dachten.
In de treinreis tussen Steenwijk en Nijmegen kwamen we er al snel achter dat we ons op verschillende momenten op dezelfde plekken hebben bevonden. Dat we met dezelfde plekken “iets” hebben en met dezelfde personen in aanraking zijn gekomen. Dat eenzelfde persoon voor ons beide voor een behoorlijke steun en ommekeer heeft gezorgd, dat we dezelfde mensen verschrikkelijk vervelend en verschrikkelijk leuk vinden, dat we veel soortgelijke dingen hebben meegemaakt, dat we van dezelfde dingen onder de indruk zijn, dat we allebei binnen dezelfde visie ons werk uitvoeren, op verschillende plekken, maar waarbij we wel met dezelfde mensen in aanraking komen en zo kan ik nog wel even doorgaan.

Niet alleen het sterk staaltje schepping op het podium in het Goffertpark was indrukwekkend die dag, ik ben van de ene verwondering in andere gevallen en heb daar ontzettend van genoten.

Het was een wonderlijke dag waaraan ik met een grote glimlach terugdenk. Vermoedelijk is Groningen een goede plaats om die rode draad nog wat verder te spinnen, of te weven, het is maar net hoe ingewikkeld we het willen maken. Of hoe degelijk. Met mij kan je alle kanten op. Naar Nijmegen bijvoorbeeld…IMG-20170705-WA0008

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Sint Jan

In ons werk in de kinderopvang komen we als ‘juffies’ met veel verschillende mensen in aanraking. We maken veel mooie maar ook veel verdrietige dingen mee. Ieder kind, iedere ouder, ieder gezin heeft zijn verhaal en in ieder mensenleven gebeuren heftige dingen. Soms komt dat hard binnen. Als de kinderen, aan wie je je toch hecht, heftige dingen meemaken of als hun ouders op een moeilijk punt in hun leven zijn aanbeland dan heeft dat absoluut zijn weerslag. Maar door er als collega’s met elkaar over te praten lukt het altijd weer om zowel een meelevende als een professionele rol te behouden.
Eén van onze collega’s kan altijd vrij objectief naar dit soort zaken kijken en op een bepaalde manier heftige zaken analytisch benaderen. Zij heeft ook zo haar emoties maar zal zich uiterlijk niet snel laten gaan. Haar woordkeus is eerder gematigd dan uitbundig. Ze neemt geen blad voor de mond maar spreekt niet in superlatieven. Aan miskramen, ongelukken en sterfgevallen wist zij de juiste woorden toe te dichten zonder zichzelf in emotie te verliezen.

Het was donderdag 22 juni, iets voor half acht. Ik kwam op mijn werk toen diezelfde collega al bezig was de spullen voor die dag klaar te maken. Ik liep de keuken in, zag haar bezig en haar ontredderde houding viel me direct op. In voelde mijn hartslag verhogen terwijl ik haar goedemorgen wenste.
‘Er is een ramp gebeurd, een ramp!’ riep ze. Dat juist zij voor deze woorden koos maakte me direct onrustig: als zij iets als een ramp ervaart moet het wel ernstig zijn. Ik voelde mezelf verstijven en keek haar behoedzaam aan.
‘De bloemen!’ riep ze. ‘Er zijn geen bloemen meer! Het gras is gemaaid en alles is weg, ik kan niks meer plukken!’

Zaterdag 24 juni zouden we het Sint Jansfeest vieren. Traditie daarbij is het vlechten van kransen met lang gras en bloemen en het uitdelen van kleine boeketjes aan alle aanwezige kinderen als afsluiting van dit vrolijke midzomerfeest. Die boeketjes worden een dag van tevoren gemaakt en daarvoor plukken zoveel mogelijk mensen in hun omgeving wat gras en bloemen. Zonder bloemen geen Sint Jansfeest kunnen we wel zeggen.

In de brandende vijfendertiggradenzon vonden we gelukkig die middag een plek waar nog veel groeide en ook Tuinland was gewillig. De boeketjes kwamen er en het feest was prachtig.
Het samenzijn met al die kinderen en de enthousiaste en dankbare reacties van ouders maken het een waardevol feest. Samen al die kringspelen doen en met elkaar dit feest vormgeven zorgt voor een klein beetje magie.

Wellicht dat ik het belang van de bloemen die donderdag niet serieus genoeg nam maar ik moest er toen, en nu nog, heel hard om lachen. ‘Er is een ramp gebeurd!’… Ik lach drie keer: ‘hahaha’. Eén keer voor het hoofd, één keer voor het hart en één keer voor de handen. ❤

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Slakken

Vanochtend gingen we op pad om met de hond te lopen. Na een warme nacht was er nog iets van koelte over van de hoosbui die viel voordat de wereld wakker werd. Ik vind zo ’n vroege wandeling het toppunt van gelukzaligheid. Lekker in beweging in de frisse buitenlucht terwijl de dag nog alle kanten op kan. De drie musketiers hadden allemaal vervoer op twee wielen, de meiden met een mandje voorop.

Met dank aan de regen bleek ons favoriete paadje achterlangs vergeven van de slakken. Op iedere gepasseerde meter lieten we een compleet slijmerig leger achter ons, behuisd dan wel dakloos.

De dierenvriend in onze zoon werd accuut wakker nadat zusjelief over een naaktslak gefietst was. Ze kon ook werkelijk niet anders gezien de grote hoeveelheid van die beesten op ons pad. Het spatbord sneed met iedere ronde die haar wiel maakte, een volmaakt plakje slak af en lanceerde dat richting haar blote benen. Toen mijn jongste van de onsmakelijke dierlijke resten was ontdaan besloot Olivier dat het tijd was de rest van de slakken voor dit gruwelijke lot te behoeden. Hij regelde kost en inwoning plus vervoer met chauffeur naar hun nieuwe onderkomen en nodigde de migranten in grote getale uit plaats te nemen in het fietsmandje van zijn zus.

Collage 2017-05-28 15_10_29

Ik heb wat paal en perk moeten stellen aan de hoeveelheid slakken die meegenomen werd naar huis maar uiteindelijk bereikten we met een compromis in een fietsmandje én een goed uitgelaten hond onze achtertuin. Eenmaal daar moesten de slakken natuurlijk een woning hebben, maar ook een plekje om uit te rusten, een restaurant, een plek om te spelen en een vakantiehuis. Dat vroeg om een plan. Zo’n plan is nog niet eenvoudig te realiseren in samenwerking met twee zussen met wie je dagelijks de grootste bonje hebt. Daarvoor is goed overleg nodig. Samen een plan maken, taken verdelen, leiden, volgen, stapje terug, stapje harder… Er is veel voor nodig om een multidisciplinair plan te laten slagen.

De opstartfase is een hectische. De spullen moeten worden verzameld, de informatievoorziening moet geoptimaliseerd worden (‘mam, wat eten slakken eigenlijk, mag ik dat uitzoeken?’). De halve huisraad wordt versleept en het doel verdwijnt tussen de spullen. Met veel onderlinge ruzies merk ik dat dit het moment is waarop ik argwanend en sceptisch word. De opmerking ‘het zal wel weer bonje worden’ is gewoon voelbaar in m’n lijf. Vandaag besloot ik deze fase binnen door te brengen en ze het allemaal koste wat kost zelf te laten uitzoeken. Even leek ik in mijn gevoel bevestigd te worden toen de oudste riep dat het niks werd omdat niemand naar haar luisterde en ze dramatisch vervolgde dat er niets anders op zat dan de slakken terug te brengen naar hun familie en vrienden omdat dat vakantiehuis er op deze manier nooit kwam. Olivier strandde in zijn pogingen het leiderschap op zich te nemen en overwoog bovenstaande optie. Dramatisch nam hij afscheid van alle slakken door ze een kus te geven en over hun voelsprietjes te aaien en met tranen in zijn ogen te vertellen dat hij ze nóóit meer zou vergeten tot ineens achter hem het eigenwijze stemmetje van de kleinste klonk: ‘kijk, ikke huis gemaakt!’ Floep! Tranen drogen, slakken weer in de fietsmand, zinnen verzetten en door.

Na wat aanmodderen merkte ik dan toch dat het begon te lopen. De benodigde spullen lagen in de tuin, de taakverdeling was helder en iedereen ging aan de slag. Er werd weinig en op laag volume gepraat, de stilte slechts een enkele keer onderbroken door een: ‘mag ik het plakband van jou?’ of ‘heb jij dat potje nog nodig?’

Toen er uiteindelijk een slakkenresort stond met keuze uit vele verschillende onderkomens, besefte ik hoe goed het had uitgepakt om binnen af te wachten.

In de tuin werd geoefend met rekenen (hoeveel legoblokjes en in welke verhouding zijn er nodig?), taal (welke soorten huizen zijn er? Welke verschillende soorten slakken zijn er? Hoe noemen we ze? Hoe schrijf je ‘slak’ en ‘vakantie’ en ‘huis’), natuurkunde (hoe vinden we balans in een slakkenwipwap en met welke materialen), informatie verzamelen (welke informatie heb ik nodig over slakken en hoe zoek ik dat op) en bovenal samenwerken, waarvan ik denk dat het geen verdere uitleg behoeft. Uiteindelijk zijn ze bijna twee hele uren bezig geweest met dit project en zijn ze tot een resultaat gekomen waar ze de leeftijd van tweeëneenhalf tot bijna zeven zeer tevreden mee waren. Leve de slakken, ik zou bijna van ze gaan houden. Bijna…

DSC_0094.JPG

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Weekend weg

We keken er al een hele tijd naar uit, een lang weekend met z’n tweeën.  Opa en oma hadden een heus opa en oma-arrangement geboekt voor dit weekend op de sprookjescamping met als doel hardcore te genieten van en met de kleinkinderen. Gisteren vertrokken ze met een tas vol kleding en slaapknuffels en een lijf vol verwachtingen.  Ik zat op de onderste trede van de trap toen ze in de rij stonden voor een kus en extra lekkere langweekendknuffel. Wie geknuffeld was stapte naar buiten, op weg naar het plezier.  Mensen zeggen dan: ‘oh, tijd samen,  geniet ervan….’ Eh, ja, zalig! Ik heb er daadwerkelijk enorm naar uitgekeken maar als ze dan zo in de verte verdwijnen valt er weinig te genieten.  Ik zag en deel van mezelf voor vier hele dagen uit beeld verdwijnen. Vier hele dagen….

Ik dwong mezelf mijn eigen gevoel van verwachting weer voor ogen te halen,  stroopte mijn spreekwoordelijke mouwen op en sloot de voordeur, het genieten kon beginnen.

Binnen vijf minuten na hun vertrek zat ik zelf ook in de auto,  op weg naar een heleboel dingen die onmogelijk zijn in het bijzijn van onze musketiers. De eerste halte betrof de kringloopwinkel in Veendam. Ze hebben daar een enorme hoeveelheid tweedehands boeken waar ik graag even tussen wilde kijken. Ik heb daar op een krukje gezeten alle ruggen van minstens tweehonderd boeken bekeken. Niets gekocht,  want wat mooi was had ik al gelezen, maar toch. Ik heb daar in alle rust genoten van de aanwezigheid van al die letters. Daarna met de trap naar beneden omdat er vandaag niemand was die op het liftknopje wilde drukken. Toen dwars door de afdeling met glaswerk naar buiten en daar op de stoep uitgebreid nagedacht over wat ik zou gaan doen. De boeken in de kringloopwinkel hadden mijn zin in lezen aangewakkerd dus wilde ik eerst naar huis. Eenmaal daar las ik de tweede helft van mijn boek en nam ik uitgebreid de tijd om het volgende exemplaar uit te kiezen.

Een blik op de klok: half vijf. Alles in mij vond dat ik moest gaan koken. Dat systeem gauw uitgeschakeld en de vaatwasser een afwasje laten doen.  Al snel maakte een baldadig gevoel zich van mij meester. ‘Zal ik de stad in gaan? Over een uurtje…  Tijdens etenstijd…?’ Jeroen aan het werk, kinderen waarschijnlijk inmiddels languit in een zwembad ver van hier… Ik mijmerde nog wat en besloot de rol van stoutste meisje van de klas te vervullen.  De stad in om een uur of zes… Baldadige ikke… wat een genot!

We hadden al een hele tijd een aantal vragen voor en over KPN,  die kon ik nu gaan stellen.  Ik stapte de steriele winkel binnen en maande de hardwerkende jongens in gezelschap van de klant voor me tot kalmte.  Ik had alle tijd. Rondkijkend besefte ik de grootte van het verschil in kindvriendelijkheid van dit interieur en dat van ballorig. Onze kinderen ervaren dat verschil over het algemeen niet zo gedetailleerd als wij dus komen we er niet vaak.

Toen ik aan de beurt was heb ik voor vijf jaar aan informatie ingewonnen, mogelijkheden afgewogen, beslissing genomen genomen en me laten voorlichten.  Ruim een ontspannen uur later waren onze bundels,  pakketten en diensten en mijn kennis omtrent wet- en regelgeving van de telecombranche weer up to date. Daarna Jeroen opgepikt bij zijn werk,  heerlijk gegeten van een maaltijd vol vitamines en samen de hond uitgelaten. De nacht was lang en ononderbroken en na elf uren heerlijke slaap begon de dag om half tien, met koffie,  thee en een boek in bed. Toen mijn geweten over het roepende huishouden wat begon op te spelen heb ik de badkamer blootgesteld aan een cocktail van schoonmaakmiddelen die nu in het gevecht met elkaar zorgen voor een dodelijke mix voor bacteriën waar geen kindervoetje in gaat staan terwijl ik dit alles schrijf. De ochtend is voorbij terwijl ik onaangekleed bedenk wat ik normaal in de uren tussen 05.30 en nu (11.35) al gedaan zou hebben.

In het vooruitzicht liggen onder andere nog een fikse schoonmaakronde zonder moddervoeten door het gedweilde deel van de vloer achter me,  een lange wandeling met de hond zonder trekkers en driewielers, een uiteetentje en bioscoopbezoek vanavond met Jeroen zonder te hoge kinderstemmen, wellicht nog zo’n lange nacht zonder geruststellende peptalks over engerds in het donker en ellebogen in mijn gezicht en morgen een hele dag in Groningen vol met afspraken met bijzonder leuke mensen.

Ik geloof dat het genieten inmiddels wel begonnen is maar zo schrijvend kan ik niet ontkennen dat ik denk aan het moment dat ik ze maandagavond weer zie, vol verhalen over vriendjes, vies worden, zwemmen,  animatieteam,  friet en veel snoep.  Ik verheug me op het moment dat die vermoeide snoetjes in hun eigen bed liggen en wij ze liefdevol weer in een ritme duwen waarvan school ook weer deel uitmaakt.  Met alle liefde luister ik dan ”s nachts half slapend naar een: ‘oh ja mam en weet je, op de camping….’ Geen probleem schatten,  geen probleem. Maar nu nog even niet. DSC_0001.JPG

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Piep… er

Het gebeurt op een onverwacht mooie en zonovergoten dag tijdens het verjaardagsfeestje van oma.

In de tuin een flink aantal mensen en het overheerlijke resultaat van een hele dag koken door eerder genoemde en haar echtgenoot. ‘Voor elk wat wils’ luidt het buffet en niets is minder waar. Het is een overdaad aan heerlijkheden: verschillende soorten rijst, vlees, fruit, soepen en sauzen en ook op verschillende wijze bereide aardappelen. Gekookt, gebakken, gepoft…

Iedereen geniet zichtbaar. Tegenover mij zit een wat stille man. Hij laat het zich allemaal goed smaken en vindt zijn plek in de zon met rijkelijk gevuld bord op schoot zichtbaar prettig.

Mijn schoonmoeder vertelt intussen aan wie het maar horen wil over mooie deals en goede koopjes die ze via allerlei wegen op de kop getikt heeft: een fietsje voor een kleinkind,  een mooie jurk, ook hier weer grote variatie. Gepassioneerd is ze. De laatste tijd ontpopt ze zich tot een handelaar van jewelste. Inmiddels is ze mijn favoriete hulplijn voor als ik iets wil aanschaffen en de prijs me te hoog is. Ik stuur mijn gehaaide schoonmoeder erop af en gegarandeerd: geef haar even de tijd en dezelfde aankoop gaat met minimaal vijfentwintig procent van de aan mij getoonde prijs plus twee maanden garantie mee naar huis.

In dit voor haar vertrouwde gezelschap vertelt ze over één van haar nieuwste aanwinsten. Een zakje waarin je geschilde, rauwe aardappelen kunt doen. Even in de magnetron en voilá, ze zijn “gekookt”! ‘En dat voor maar €3,50! Wie wr ook één wil moet het maar even aangeven…’ Of ze het even voor moet doen? ‘Graag, graag!’ Het vrouwelijk deel van het gezelschap wil dit wonder wel aanschouwen.

De stille man prikt met zijn vork in een aardappel. Eerst schiet hij weg, dan knijpt hij zijn ogen iets toe, zet wat meer kracht en spiest de pieper zonder pardon aan zijn vork. Of het hem smaakt wordt er gevraagd. Hij beaamt en beveelt her en der de inhoud van wat potten, bakjes en pannen aan, wijzend met zijn vork. Al snel kijkt hij weer naar voren en verzinkt in zijn maaltijd.

‘Kijk, daar in dat bakje staan de gepofte aardappelen, daar de rauwe, geschilde’ vervolgt mijn schoonmoeder. Ze pakt er een aantal en stop ze in het zakje. ‘Oh ja, die in dat bakje zijn dus de rauwe aardappelen die je in dat zakje stopte’, herhaalt één van de dames. De stille man ziet het gebeuren en stopt met kauwen. Hij kijkt naar de aardappel op zijn vork. Hij zegt niets en staart strak voor zich uit.  Dan kauwt hij verder.kooktijd-aardappels-vorktest-197x300

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Bevrijdingsdag

IMG_1396Vrijdag 5 mei 2017, 07.50. Trip trip trip… een schuivende deur. Trip trip trip, schuif bonk. Schuif bonk. Schuif bonk. Het geluid van een op voeten en billen van de trap gaande peuter.
Onder mijn oogleden ben ik al wakker maar ik accepteer het nog niet. Ergens voel ik al dat het lichter is buiten dan het zou moeten zijn. Een schuin oog op de wekker en mijn onderbuikgevoel wordt ogenblikkelijk voelbaar in mijn hele lichaam. We hebben ons grandioos verslapen.

In een fractie van een seconde kies ik tussen: iedereen als een sergeant uit bed trommelen en met legerachtige bevelen in de kleren en naar beneden werken of een samenzweerderig klimaat creëren in de trant van: wij zijn samen een team, wij kunnen dit, go go go, high five! Ik kies voor de tweede optie, in gedachten houdende dat ik altijd op de eerste variant kan terugvallen als de kinderen niet ontvankelijk blijken voor dit alles.

Ik heb geluk. Door de langere nacht zijn ze uitgerust genoeg om binnen een minuut na ontwaken een verbond te kunnen sluiten. Musketier één tot en met drie lopen nog geen tien minuten later netjes in de kleren en met de haren strak in een staart (de middelste musketier uitgezonderd) op een boterham te kauwen. Een snelle blik op de klok vertelt me dat als ik nu alle fietsen met het voorwiel in de juiste richting startklaar zet, het ons waarschijnlijk nog lukt om op tijd te komen!

Een mens kan zoveel denken in zo weinig tijd! Met een glimlach denk ik aan een dag rond de eerste van oktober, tweeëneenhalf jaar geleden. Het was de eerste dag na de kraamweek. Maartje was een week oud, Nova moest naar school. De hele week had ik me in lichte paniek afgevraagd hoe het in de wereld mogelijk was om met drie kinderen op een willekeurig van tevoren vastgesteld tijdstip ergens te komen. Ik had niet eens een idee van in welke richting ik zou moeten denken om daarvoor een plan te maken.
Dit alles loslaten en accepteren dat Nova wellicht iets later in de klas zat kwam niet in mij op en dus liet ik rekensommen los op het schema van onze pasgeborene, bereidde ik voor wat ik voorbereiden kon en bad ik tot wie dan ook dat dit goed zou komen.

De weg ernaartoe kan ik me niet meer herinneren. Gaat dat niet vaker zo? Al te traumatische of intensieve ervaringen worden als vanzelf achter een stevig, met zes sloten verankerd luik in de stoffige krochten van je onderbewustzijn geparkeerd. Wat ik wel nog weet als de dag van gisteren is dat één van de juffen mij vroeg toen ze me daar zag: ‘en? Hoe vroeg ben je opgestaan?
Ik antwoordde: ‘om vier uur.’ Het hele team dat zich weidde aan zijn préklssikale kop koffie moest lachen.
Ik kon alleen maar wezenloos van vermoeidheid voor me uit staren, denkend: ‘maar het is geen grap…’
Nee, toegegeven, deze ochtend verliep wat dat betreft zoveel strakker en gecontroleerder dan de ochtend waar ik nu aan terugdenk…

Als iedereen vol goede moed op de fiets zit en de vogels fluiten, valt het me wel op dat het op straat vrij rustig is. De klok in de keuken zal toch niet wéér stilstaan? Is het dan toch later dan ik dacht? De dichtstbijzijnde school waar we langs rijden is donker. Pikdonker en totaal verlaten. Nog altijd geen rinkelend belletje dat me terughaalt in het hier en nu. Pas als we de schoolbel over het verlaten plein horen toeteren bedenk ik: we hadden hier niet moeten zijn. Bevrijdingsdag. Ik hoop nog op meer suffe ouders maar ik blijk dit keer écht de enige. Hard lachend fietsen we terug. We bakken broodjes, drinken thee en het samenzweerderige complot keert zich tegen me. ‘Mama was dom hè, we zijn gewoon vrij!’

Twee uren later is mijn hele huis schoon en dat voelt heel bevrijdend.

Geplaatst in Gezin, Opvoeden | 2 reacties

Met de handjes plat

‘Met de handjes plat, met de handjes plat, met je dikke, dikke, dikke vuistjes… met je vingertjes, met je vingertjes, met elle- elle- ellebogen boem! Pff! Pff!’

Ze prikt twee keer met haar slanke wijsvingertjes in haar opgeblazen wangen, haar buurvrouw doet voorzichtig mee. Zonder schroom zet ze opnieuw in. Hard, enthousiast, krachtig en loepzuiver. In woord en gebaar wordt dit lied uitgevoerd, met iedere herhaling springen steeds meer peuters in. Eerst de haantjes en koplopers, later voorzichtig ook de stillere kinderen. Ze krijgt ze bijna allemaal mee door haar eigen enthousiasme en zonder enige uitleg. Ze is net drie.

Eén avond later in een uitverkocht theater de Oosterpoort in Groningen. Negenhonderd leerlingen en honderd docenten en medewerkers zijn samen verantwoordelijk voor het voorjaarsconcert van hun school, het Parcivalcollege in Groningen, de middelbare Vrije School. Elke leerling doet mee. Ieder leerjaar heeft zijn eigen aandeel in dit concert en het repertoire varieert van popmuziek en groots slagwerkspektakel, tot een flink klassiek werk.

De grootste gemene deler van deze avond is wat mij betreft nog niet eens zozeer muziek, als wel gedrevenheid. Gedrevenheid van de leerlingen die daar, ondanks hun ingewikkelde puberbrein, uit volle borst, en soms uit iets minder volle borst, eerlijk is eerlijk, staan te zingen. Gedrevenheid van al die ouders die daar komen kijken, vaak uit alle hoeken en gaten van de provincie. Gedrevenheid ook van de mensen van de Oosterpoort en hun aandeel in het vlot laten verlopen van deze avond en bovenal, met stip bovenaan, gedrevenheid van de docenten die met negenhonderd leerlingen een fantastische avond hebben neergezet. Negenhonderd jonge kinderen in een vaak al volwassen lichaam, die het al moeilijk genoeg hebben met zichzelf , gewoon omdat ze puber zijn. Met name gaat mijn bewondering uit naar de vier ontzettend vakbekwame muziekdocenten (dit was het zichtbare aantal, excuses als ik iemand vergeet) die de leerlingen muziek laten zingen waar ze uit vrije wil misschien niet zelf naar zouden luisteren.

Wát een verbondenheid straalde deze enorme groep mensen uit. Duidelijk zichtbaar is deze avond de investering in tijd en serieuze, oprechte aandacht van de docenten in deze leerlingen. Deze kinderen willen namelijk werken voor hun docenten. Één en al aandacht voor hen en focus op wat ze daar met elkaar neerzetten. Misschien doen de leerlingen het wel voor hen en vinden ze het daarna zelf ook stiekem fijn. Goed om je als weerbarstige puber achter deze volgorde te kunnen verschuilen wellicht, want wie zingt er nou met gemiddeld een jaar of vijftien/ zestien vrijwillig het requiem in C mineur van Johan Michael Haydn?

Toegegeven, deze zwaardere muziek is aan de oudste leerlingen toebedeeld, die al duidelijk zichtbaar steviger in hun schoenen staan dan de kinderen van de popmuziek. Dat het Vrije Schoolleerplan tot in alle hoeken doorwerkt werd me daar heel duidelijk. Doen waar je aan toe bent. Zo’n stuk zing je als je daar aan toe bent, niet als je nog vanalles met jezelf te verhapstukken hebt.

Voordat de eerste noten klinken staan twee docenten aan de zijkant van het podium als de leerlingen opkomen. Op één van hen let ik meer dan op de ander omdat ik haar ken. Hier en daar een blik, afentoe een woord of een opmerking naar de opkomende leerlingen: ‘Kom op!’ zie ik haar zeggen… ze pept ook zichzelf op. Een kleine vrouw is het. Klein maar fijn en onderdeel van het roze bolwerk waarin ik mijn dagen slijt in mijn werkzame leven. Haar dochters worden bij ons op het kinderdagverblijf opgevangen. Als ze haar kinderen bij ons brengt of haalt is ze lief, bescheiden en misschien zelfs wel wat terughoudend, zeker geen “opdevoorgrondmoeder”. Maar nu staat ze daar wel. Helemaal vooraan, de leerlingen zijn voor haar, evenals het orkest. Ik weet niet hoe ik het anders moet verwoorden dan dat ze het stuk helemaal opvreet. Als een tijger gaat ze deze klus te lijf en met een enkel handgebaar volgen leerlingen en het orkest in wat zij wil. Ze beheerst het tot in de puntjes, ademt de muziek, of neemt hij bezit van haar? Ze krijgt iedereen waar ze ze hebben wil. Wát een vakvrouw! Ze is de moeder van het meisje aan het begin van deze tekst.

Ouders van kinderen op ons kinderdagverblijf, stagiaires op onze groep, zowel uit het verleden als toekomstig, kinderen van (oud) collega’s en kinderen die ik zelf de afgelopen jaren op de groep gehad heb. Deze voor mij prachtige maar merkwaardige mix staat daar op het podium, een indrukwekkend geheel wat mij betreft. In het publiek ouders met wie ik gesprekken gevoerd heb over hun kind, onder de medewerkers degene die mij en m’n collega’s geschoold heeft… het was werkelijk één groot zachtroze bolwerk. Een bolwerk van mensen die hetzelfde belangrijk vinden in de ontwikkeling van kinderen en hier uiterst zorgvuldig mee omgaan. Hulde aan al die mensen die dit doen en voorleven. Iedere dag maar weer. Hulde voor ze en grote dank dat ik onderdeel ben van het bolwerk dat me steeds beter past en waarin ik me steeds meer verankerd voel.

‘Met de handjes plat, met de handjes plat…’ Lief kind, ik doe met je mee. Maar dan wel plat op elkaar. Applaus!

IMG_1204

Geplaatst in Verwondering | Tags: , , , , , , , | 1 reactie